Il Grand' Inquisitor

I due Foscari in Hamburg

De tweede opera in de Hamburgse Verdi-triptiek is I due Foscari, meteen ook de minst onbekende van de drie.

De productie van David Alden speelt in hetzelfde decor als La battaglia di Legnano. Het koor, dat in deze opera geen grote rol heeft, zit weer op zijn balkon. Maar deze keer mogen ze toch ook iets meer doen dan bladzijden omdraaien van hun partituur... al is het maar een feesthoedje opzetten en met papieren slingers het feestelijke begin van het derde bedrijf wat kleur geven. Dat is meteen het enige moment dat er wat kleur in deze productie zit. I due Foscari is een intieme opera. Die intimiteit wordt gecreëerd door muren binnen te schuiven en door suggestieve belichting tijdens bijvoorbeeld de kerkerscène van het tweede bedrijf.

Voor de rol van vader Foscari kregen we een van de grootste Verdi-baritons van het moment te horen. Andrzej Dobber incarneert tot in de puntjes de Venetiaanse Doge, die machteloos is om zijn zoon te redden. Tijdens zijn openingsromaza "O vecchio cor che batte" laat Alden hem vervellen van Doge naar vader door zijn rijke dogenmantel en -hoed in te wisselen voor een zwart kostuum. Tegelijkertijd voltrekt de metamorfose zich ook vocaal. Zijn vertolking neemt magistrale dimensies aan in het derde bedrijf. Met een adembenemend legato en stralende hoogte zingt hij "Questa dunque è l'iniqua mercede" om nadien op hartverscheurende wijze te sterven.

Voor de ten onrechte van moord beschuldigde Jacopo Foscari heeft de Hamburgse opera Giuseppe Filianoti geëngageerd. Op papier zou deze rol hem goed moeten liggen, maar het lijkt alsof het centrum van zijn stem een paar noten gezakt is. Zijn laag register klinkt opvallend stevig en warm, maar zijn hoogte is onbetrouwbaar. Tijdens de cabaletta "Odio solo ed odio atroce" laveert hij op het randje van kraken. De romanza in de kerker "Non maledirmi o prode" zingt hij wel redelijk goed.

In het duet in de kerker is Amarilli Nizza ook op haar best als Jacopo's vrouw Lucrezia Contarini. Het is het eerste moment dat ze enige nuance liet horen. Als ze in het eerste bedrijf komt binnengestormd en een vurige "Tu al cui sguardi onnipossente" zingt, is haar stalen stem nog opwindend, al klinken de coloraturen in "La clemenza, s'aggiunge lo scherno" nog berekend. Ook in haar grote scène met de doge op het einde van het eerste bedrijf - een vader-dochter-scène die vergelijkbaar is met de Violetta-Germont-scène - gaf ze nog een eendimensionale vertolking die gedomineerd wordt door woede.

Publicatie: zondag 17 november 2013 om 09:34
Rubriek: Opera