Il Grand' Inquisitor

Koren en Gitaren in Zeist

De afgelopen dagen konden we twee speciale concerten horen bij het Liedfestival Zeist.


Ensemble Utrechts Jeugdkoor (foto © Thea Bakker)

Maandagavond stonden overwegend jongeren op het podium. Tijdens het eerste deel van de avond hoorden we het Utrechts Jeugdkoor onder leiding van Thea Bakker... weliswaar geen muziek van Schubert en consoorten, maar daarom niet minder mooi, gaande van een Macedonisch volkslied Zapro Zaprov over het popnummer Bridge over troubled water tot Close your eyes van Wouter van Belle (die tevens in de zaal zat).

In het tweede deel traden solisten van "De Tuin van Vocaal Talent Nederland" op. Deze organisatie geeft jongeren een eerste zangopleiding voorafgaand aan een eventueel traject in een conservatorium. Zij brachten wél liederen van Schubert en Co. De stemmen van deze jonge zangers zijn nog pril, waardoor ze nog het best tot hun recht komen in het ensemblewerk, zoals Die Nacht voor mannenkwartet (of -kwintet in dit geval) of het Grillparzer-Ständchen met de altsolo. Het is hartverwarmend om te horen hoe deze jongeren zich in Schubert verdiepen...

Voor gisterenavond hadden de festivalorganisatoren een alternatief concert bedacht. Vanuit het thema "Terug naar de natuur" had zich het idee ontwikkeld om een concert in de natuur te geven. Maar het miezerige herfstweer dezer dagen verplichtte hen om over te stappen naar plan B en het concert droog en warm in de Broederkerk op te voeren. Oorspronkelijk zou Julian Prégardien optreden, maar hij heeft op het laatste moment afgebeld... aangezien hij de volgende vier dagen zes concerten in Weimar en omstreken gaat zingen, vermoed ik dat het eerder een tactische afzegging is dan één om medische redenen.

Maar gelukkig was er nog Bryan Benner, die Prégardien op gitaar zou begeleiden tijdens de wandeling door Zeist. Benner is de zanger en gitarist van "The Erlkings", die bekend staan om hun Schubertbewerkingen. De liederen worden vertaald naar het Engels en bewerkt voor gitaar, cello, tuba en slagwerk. Kortom, Benner heeft voldoende repertoire paraat om ons een hele avond te vermaken.

Hij begon met de Müllerin-Wohin?, waarna een reeks Schubert-hits passeerden van Erlkönig tot Gretchen am Spinnrade (jawel!). Hij praat alles vlot aan elkaar, en voegt ook grapjes toe... zoals een alternatief slot voor Erlkönig (iedereen verwachtte "... the child was dead" maar het werd "... the child went to bed") of een Gretchen die met een kopstem begon te zingen na haar orgasme. Voor een aantal liederen kreeg hij het gezelschap van Henk Neven en liet hij heel het publiek mee-jodelen in Die Forelle of gaf hij een rockbegeleiding aan Der Musensohn. Kortom, dolle pret !

Na de pauze verkende hij verschillende andere genres. Na de eerste vijf liederen van Dichterliebe, zong hij een Wiener Lied en Andre, die das Land so sehr nicht liebten, allebei in het Duits, of Napolitaanse canzone waarbij hij het publiek weer een Tarantella liet meezingen. Maar eindigen deed hij met Schubert en een ontroerende An die Musik. Als bisnummer speelde hij eerst Wandrers Nachtlied op een Japanse fluit, waarna hij het lied a capella zong... heel mooi.

Ik heb The Erlkings meer dan tien jaar geleden de eerste keer in Oxford gehoord. Ze hebben ondertussen ook al op het podium van de Schubertiade gestaan. Misschien moet heel het gezelschap ook eens naar Zeist uitgenodigd worden... bijvoorbeeld tijdens het Schubertjaar van 2028 ?

Publicatie: woensdag 20 mei 2026 om 09:41
Rubriek: Liedrecital