Il Grand' Inquisitor

Roderick Williams in Oxford

Het Oxford Song Festival verhuisde gisteren voor het grootste deel van de dag naar het gloednieuwe Schwarzman Centre, waar 's avonds onder andere Roderick Williams en Sholto Kynoch een liedrecital zouden geven.

Het Schwarzman Centre huisvest ook de muziekfaculteit van de University of Oxford. Het festival maakte van de gelegenheid gebruik om 's middags een compositie-workshop te organiseren. De workshop werd geleid door professor Martyn Harry. Vijf van zijn studenten was gevraagd om een lied voor sopraan en piano te componeren. Die vijf liederen werden gisteren uitgevoerd door Maryam Wocial en Archie Bonham, die we eerder als emerging artists konden horen. De uitvoerders konden dan feedback geven over wat werkt en wat minder goed werkt, waarna de compositie verder kort besproken en geanalyseerd werd. Het was een boeiende namiddag, die toch een andere inkijk in het Lied geeft dan de uitvoertechnische kanten van bijvoorbeeld een master class.

Het recital van Roderick Williams werd voorafgegaan door een korte presentatie van een jong liedduo. Deze keer waren dat sopraan Natalka Pasicznyk en Bohdana Ravliuk. Van alle liedduo's die we deze week zo al gehoord hebben, was hun optreden met voorsprong het meest aangrijpende. Ze hebben allebei Oekraïense wortelen, en ze hebben dan ook twee liederen van Oekraïense componisten meegebracht, omkaderd door twee Dvorak-liederen. Als in Shche jak buly my kozakamy van Mykola Lysenko - over hoe katholieke priesters dood en verderf zaaiden onder de kozakken - het vers "Ukrajna plache, stohne" (Oekraïne huilt en kreunt) voorkomt, kan je niet anders denken aan wat er momenteel in Oekraïne gebeurt. Het Dvorak-slaaplied Dobrú noc kreeg dan ook een wrange ondertoon...

De vorige keer dat ik Roderick Williams hoorde was op het Liedfestival Zeist. Hij bracht toen samen met Roger Vignoles een programma rond de hoofse liefde... een programma dat ook perfect past binnen het huidige festivalthema "Love Songs". Naast een andere pianist, de festivalleider Sholto Kynoch, werd het programma ook wat ingekort omdat er ook nog een nachtrecital voorzien was. Net zoals in Zeist bestond het programma dus uit "drie helften", elke helft in een andere taal. En voor Foy porter van Guillaume de Machaut had hij ook weer een perkamenten liefdesbrief mee. Oftewel, als je dan toch een spiekbrief nodig hebt voor de oud-Franse tekst, dan kan je dat beter meteen in stijl doen...

Voor de vertolkingen van Roderick Williams wordt het moelijk om nog superlatieven te vinden. In La Belle Dame sans Merci van Nicholas Marshall horen we weer de geniale meesterverteller, met een perfecte dictie (de boventitels die geprojecteerd werden, zijn totaal overbodig), met een schitterende frasering en gevoel voor timing. Love's Minstrels was betoverend met ook mooi pianospel van Kynoch... later zou hij in het naspel van Lorelei nog eens laten horen wat voor een virtuoze pianiste Clara Schumann moet geweest zijn. Tom der Reimer was weer een paradestukje vol expressiviteit en gevoel voor humor. Zijn Don Quichotte à Dulcinée is tegelijkertijd nobel en eerbiedig, en enigszins luidruchtig in Chanson à boire.

Omdat er dus nog een recital zou volgen, hielden ze het bij één bisnummer... Silent noon van Vaughan William.

Dat nacht- of laatavondrecital ging door in het "Black Box Performance Lab", tegenover de Sohmen Concert Hall waar het recital van Roderick Williams plaatsgevonden had. Die relatief kleine zaal is letterlijk een zwarte doos, met allerlei faciliteiten voor experimentelere muziek.

2024 was een Kafka-jaar, 100 jaar na zijn overlijden. Voor die gelegenheid had het festival een opdracht gegeven aan Can Bilir om een liedcyclus gebaseerd op Kafka te componeren. Door omstandigheden is dat werk niet uitgevoerd in 2024 en kregen we gisteren met twee jaar vertraging de werelpremière van The Silent Songs of Josefine met sopraan Anna Dennis en pianist John Reid.

Het werk duurt ongeveer een uur en omvat twintig liederen, die naadloos van de ene in de andere overgaat. Nu, het concept "lied" moet hier wel met een grove korrel zout geïnterpreteerd worden. De cyclus bevat weliswaar teksten, maar er wordt geen enkel woord van gezongen. Alle teksten worden gesproken in een microfoon en soms zwaar versterkt. De zangeres (sic) moet tussendoor ook nog allerlei andere geluiden produceren... en zelfs onder de piano kruipen om op de bodem te krabben. De pianist heeft wel regelmatig een normale pianopartij te spelen, maar wordt ook gevraagd om rechtstreeks de snaren te bespelen of allerlei dingen in de piano te leggen om bijkomende geluidseffecten te creëren.

Experimenteel zal het wel zijn, maar echt mooi of boeiend was het allemaal niet. In vergelijking met deze creatie waren de liederen van de studenten aan het begin van de namiddag nog een toonbeeld van traditionaliteit met zingbare lijnen en evocerende pianopartijen.

Publicatie: donderdag 15 oktober 2026 om 11:50
Rubriek: Liedrecital