Il Grand' Inquisitor

Äneas Humm in Oxford

Ik was benieuwd om Äneas Humm eens live te horen. Maar zijn recital met de pianiste Doriana Tchakarova bleek vrij teleurstellend te zijn.

Deze jonge Zwitserse bariton is amper 31 jaar oud, maar heeft toch al verrassend veel lied-CD's opgenomen. Wat ik er al van gehoord heb, kon me echter weinig overtuigen, dus vroeg ik me af hoe hij live zou zijn...

Ze hadden een mooi, volledig Duitstalig, programma samengesteld voor hun lunchrecital in de Holywell Music Room, te beginnen met Schumanns Eichendorff-Liederkreis. Hij laat al vrij veel metaal horen In der Fremde, wat hij om een of andere reden met gesloten ogen zong. Maar dat metaal evolueert snel naar een lelijk forte, zeker als hij iets hogere noten moet zingen. Zo klinkt het slot van Waldesgespräch extreem luid, waar hij verrassend de lage optie neemt voor "es ist schon spät, es ist schon kalt". De nachtegalen in de tweede In der Fremde lijken wel brullende leeuwen. Ook Frühlingsnacht wordt weggebruld, zijn hoogte klinkt geforceerd.

Anderzijds probeert hij ook regelmatig piano te zingen, maar dan valt zijn stem soms weg zoals in Intermezzo. In Die Stille wordt het een gefluister waarvan ik me afvraag of dat wel zou dragen in een iets grotere zaal. In het veel te traag uitgevoerde Mondnacht wordt zijn mezza voce onstabiel. Ook op interpretatief vlak valt er weinig te beleven. Afgezien van een dreigend vingertje in Waldesgespräch, is deze Loreley weinig beangstigend. Wehmut klinkt weinig weemoedig, laat staan poëtisch.

Na wat tenenkrullend, ongetwijfeld goed bedoeld, commentaar over Clara Schumann, was zijn vertolking van Ich stand in dunkeln Träumen zowat het beste van het hele recital. Maar haar Heine-Lorelei wordt weer ontsierd met forte hoge noten en een verpletterd slot. De Amerikaanse Amy Beach heeft ook een aantal Duitse liederen gecomponeerd, waarvan Nacht een mooie ontdekking is. Op zich is het interessant om Wolfs Abendbilder eens te horen. Het zijn drie Lenau-odes aan de natuur en bet bevat prachtige muziek, al verliest de 17-jarige Wolf zich af en toe in ongepaste Wagneriaanse bombast. Maar ik heb het gevoel dat Humm nog niet de nodige maturiteit heeft om dit werk te zingen.

De meerderheid van het publiek leek al dat gebrul wel te kunnen appreciëren, en dus kregen we nog twee bisnummers: Warte noch (waarbij Humm liet uitschijnen dat het van Karl in plaats van Joseph Marx was) en Beethovens Flohlied. Ten slotte... misschien moet iemand hem eens zeggen dat je niet op een podium gaat staan met de vier bovenste knoopjes van je hemd open, tenzij je de rol van een gigolo speelt.

Publicatie: vrijdag 16 oktober 2026 om 09:33
Rubriek: Liedrecital