Otello in Luik
De opera van Luik sluit het seizoen af met Verdi's Otello in een nieuwe productie van Allex Aguilera met Francesco Lanzillotta in de orkestbak.

Desdemona, Otello
De enscenering voelt vrij klassiek aan, al is er geen exacte tijd of locatie vast te stellen. Videobeelden van regen en een schip (Arnaud Pottier) worden op een proscenium-vullend gaas geprojecteerd om de storm van de proloog weer te geven, terwijl we door het gaas het koor zien worstelen met paraplu's... tot het gaas opgetrokken wordt en we het eenheidsdecor van Bruno de Lavenère zien.
Het decor bestaat uit een staketsel met prominente verticale lijnen die aan een gotische kathedraal doen denken. Het podium staat gedeeltelijk onder water, met enkel in het centrum een klein droog platform met twee loopbruggen ernaartoe. Het zou het perfecte decor voor een Pelléas-productie kunnen zijn. Een en ander beperkt uiteraard de bewegingsvrijheid van zowel de solisten als het koor, wat het tot een vrij statische productie maakt.
Luciano Ganci hebben we al een paar keer eerder gehoord in Luik, meest recent als Maurizio, en waagt zich nu aan Otello. Hij trompettert een indrukwekkende "Esultate!", maar zijn stem is in essentie een lyrische tenor en nog te ver verwijderd van de dramatische tenor die we in deze partij verwachten. Maar dat houdt hem niet tegen om twee bedrijven vooral forte en zonder nuance te zingen. Het derde bedrijf begint helemaal penibel als hij in het duet met Desdemona "Dio ti giocondi, o sposo" zijn intonatie alle kanten laat uitgaan. Hij herpakt zich wel voor "Dio! mi potevi scagliar", hij zingt zijn monoloog nu wel met nuance en gevoelsvolle inleving. Ook "Niun mi tema" viel best te pruimen, met zelfs wat donkerdere kleuren, wat me doet hopen dat hij over een paar jaar misschien wel een uitstekende Otello wordt.
De Jago van Roman Burdenko stelde teleur. Hij heeft wel het goede timbre voor de rol, maar de afwerking is slordig. Zijn "Credo" is een en al venijn, waarbij zijn stem dan ook nog een paar keer kraakt. "Era la notte" was wel beter, maar dan vond de regisseur het nodig om hem te laten omringen door zes alter ego's die hem af en toe oppakken en hem ergens anders weer neerzetten. Ik was daarentegen wel onder de indruk van Maria Teresa Leva die een prachtige Desdemona zong. Ze raakt af en toe haar borststem aan wat de dramatische momenten meer textuur geeft. Haar grote scène met het "Canzone del salice" en het "Ave Maria" was het absolute hoogtepunt van de avond met mooie piano lijnen doortrokken met een doorleefde vertolking. Een zangeres om in de gaten te houden...
Publicatie: woensdag 24 juni 2026 om 08:42
Rubriek: Opera